Zwijsen
  Leerkrachten
 Over Ik & Ko
 Uitgangspunten
 VVE met KO-totaal
 Opbouw
De thema's
 Leerlijnen
 Organisatie
 Differentiatie
 Observatie en evaluatie
 Doorgaande lijn
 Een voorbeeld uit de praktijk
 Materialen
 Aansluitende materialen
 De kamer van Ko
 Meningen & ervaringen
 Info aanvragen
 Vraag & antwoord
 Kleurplaten
 Voor gebruikers

Ik & Ko > Leerkrachten > Over Ik & Ko > De thema's
De thema's
Ik & Ko heeft een thematische benadering.
Hieronder vindt u een korte omschrijving van elk thema.

Printversie

  Bij mij thuis   Sst, wat hoor ik?
  Speel je mee?   Eet smakelijk!
  Brr, wat koud!   Waar is...?
  Wat loopt en vliegt daar?   Kunst
  Op reis   Geen twee dezelfde
  Papier hier!   Piraten
  Hoera!   Au!
  Sprookjesland   Iedereen is mooi!
  Groot en klein   Het circus

Bij mij thuis
 Taal
Familie en thuis zijn de belangrijkste dingen in het leven van kleuters. In dit thema vergelijken en tekenen de kinderen familiefoto’s, ze praten over hun eigen familie en ze ontdekken hoeveel verschillende familieleden er zijn.
Ze krijgen Ko thuis te logeren en vertellen aan de hand daarvan over het reilen en zeilen bij hen thuis. Zo realiseren ze zich dat ‘thuis’ niet bij iedereen hetzelfde is. Al is het maar omdat niet iedereen dezelfde taal spreekt.
Verder maken de kinderen in dit thema Ko’s huis gezellig, dwalen ze door het huis van Amina en bezoeken ze een reus. Ook gaan ze flink aan de schoonmaak. En natuurlijk vangen ze daarbij een heleboel spinnen.

Rekenen
De kinderen zoeken op de praatplaat de kamer met het meeste speelgoed.
Tijdens het opruimen vindt Ko een spin. De kinderen luisteren naar een lied over een spin en maken de spin na.
Ze bekijken foto’s die in de klas gemaakt zijn. Wat staat er op de foto? Vanaf welke positie is de foto genomen?
Ook tellen de kinderen het aantal stappen naar huis van Ko en maken ze een huis voor Bobo, een vriendje van Ko.

Sst, wat hoor ik?
 
Taal
Geluiden. Soms zijn ze leuk, soms zijn ze eng. Soms zijn ze hard, soms zijn ze zacht. Soms zijn ze oorverdovend en soms... hoor je helemaal niets.
In dit thema werken kinderen met geluid en alles wat daarmee samenhangt. Ze zoeken naar wekkers en horloges en zoeken onder knisperende bladeren. Ze luisteren naar geluiden van achter een laken, geluiden uit kokertjes en geluiden in het donker. En in het donker? Daar zitten spoken!
Verder gaan de kinderen aan de gang met stem, handen en voeten. Ze zingen, fluisteren, schreeuwen, stampen en klappen.
Ook ontdekken ze hoe het is om te praten met gebaren. En de kleuters maken een echt hoorspel. Met een verhaal, heel veel geluiden én een cassetterecorder.

Rekenen
In dit thema doen de kinderen verschillende activiteiten met een tikkende wekker: ze proberen binnen tien minuten alle getallen in een klok te leggen, ze zoeken een tikkende wekker en ze ervaren wat ze allemaal in een minuut kunnen doen.
Ook jagen de kinderen spookjes uit bed, waardoor er steeds minder spoken in bed achterblijven en gaan de kinderen aan de slag met een cassetterecorder die geluiden opneemt. Hoe vaak hoor je de geluiden, als je het bandje afspeelt?

Speel je mee?
 Taal
Samen spelen is leuk. Zeker met vriendjes en vriendinnetjes. Alleen zijn aan samen spelen wel een aantal regels verbonden. En dat valt niet altijd mee.
In dit thema maken kinderen kennis met allerlei spelletjes. Ze spelen gezelschapspelletjes, raadspelletjes en zelfverzonnen spelletjes. Ze ervaren hoe het is om een spelletje te winnen of te verliezen. En ze ontdekken hoe het is om met en zonder regels te spelen. Zo lossen ze een ruzie op tussen twee vals spelende vriendjes en maken ze voor diezelfde vriendjes bordjes met klassenregels.
In het knieboekverhaal spelen de kinderen een spelletje bankvoetbal met drie poezen en een hond.
Natuurlijk bezoeken ze ook een speeltuin en een speelgoedwinkel. Want verlanglijstjes kun je natuurlijk wel maken, maar je moet ook nog genoeg geld hebben om het speelgoed te kopen!

Rekenen
De activiteiten in dit thema gaan over samen spelen. De kinderen spelen een bordspel, jeu de boules en gooien zoveel mogelijk blikken om. Kunnen ze na afloop aan Ko vertellen hoeveel blikken ze hebben omgegooid?
In de speelgoedwinkel maken ze prijskaartjes en pakken ze speelgoed in.
Net als in het taalthema worden bij enkele activiteiten suggesties gegeven om de inhoud aan te passen aan de sinterklaastijd.

Eet smakelijk!
 Eet smakelijk!
Taal
Eten, wat is het soms moeilijk voor kleuters! Maar boodschappen doen is leuk en koken is nóg leuker. In dit thema zijn de kinderen bezig met eten en alles wat daarmee samenhangt. Ze pakken boodschappentassen uit, proeven blind en helpen Ko van zijn hik af te komen. Ze knutselen een monster en brouwen heksendrankjes.
Ook doen ze allerlei activiteiten in het Pizzahuis. De kinderen bestellen er pizza’s, eten er pizza’s en bedienen er de koning en de koningin.
Ook het tellen van één tot en met twaalf is een centraal item van dit thema. Net zoals het koken van eten. Want de kinderen beleggen kartonnen pizza’s, maken fantasiesoep en bakken echte koekjes. Eet smakelijk!

Rekenen
Tijdens de activiteiten in het thema ´Eet smakelijk!´ helpen de kinderen Ko met het dragen van de boodschappen en dekken samen met hem de tafel voor de knuffels uit de huishoek.
Ook beschrijven de kinderen een gek recept voor een ´speelgoedsoep´ en beleggen ze een pizza volgens een recept.
Ten slotte zien en ervaren de kinderen welke leuke dingen ze allemaal kunnen doen met servetjes!

Brr, wat koud!
 
Taal
Echt winterweer is leuk. Zeker wanneer het sneeuwt en vriest. Want dan kun je sleeën, schaatsen, sneeuwpoppen maken en glijden.
In dit thema gaan kleuters actief aan de slag met het weer en de winter. Ze kleden Ko lekker warm aan, maken winterrijmpjes en experimenteren met smeltend ijs.
Ook ontpoppen de kinderen zich tot echte weermannen en –vrouwen. Ze doen weersvoorspellingen, vullen weerschema’s in en lezen weerberichten voor op televisie.
Ook aan de dieren wordt gedacht. Want het knieboekverhaal gaat over hongerige eendjes in een dichtgevroren vijver. En in een van de activiteiten maken de kinderen lekker warme winterholletjes voor een egel.
Natuurlijk spelen sneeuwpoppen een prominente rol in dit thema. De kinderen kleien sneeuwpoppen die praten en bewegen en ze dansen zelf als sneeuwpoppen. Uiteindelijk vallen ze zelfs als plasjes gesmolten water op de grond. Het is tijd voor de zomer!

Rekenen
Het is buiten koud. In dit thema doen de kinderen verschillende activiteiten rondom sneeuw. Ze vergelijken verschillende sneeuwpoppen met elkaar, gooien 'sneeuwballen' en raden welke voorwerpen onder de sneeuw liggen.
Ook bepalen ze of Ko inderdaad de langste sjaal heeft, zoals hij beweert, en verdelen ze de chocolademelk zo eerlijk mogelijk.

Waar is...?
 
Taal
Thuis is voor kinderen een veilige haven. Met eigen familie, een eigen kamer, eigen spulletjes. Dit alles verandert abrupt, als kleuters gaan verhuizen. Of als ze verdwalen en hun huis niet meer kunnen vinden. Of als er wordt ingebroken en iemand hun spulletjes meeneemt.
In dit thema zijn kinderen vooral op zoek. Ze zoeken een rondfladderende vlinder, zoeken weggelopen huisdieren, zoeken samen met de politie naar verdwenen spullen, zoeken een dief en zoeken naar sporen.
In het knieboekverhaal helpen ze een meisje dat haar moeder zoekt en in een andere activiteit een slak die zijn huisje kwijt is.
Maar ze zijn ook erg druk met Ko’s verhuizing. Ze pakken zijn verhuisdozen in, bouwen een nieuw huis voor hem en maken, net zoals Ko, een naamkaartje voor zichzelf. Zo kunnen ze tenminste altijd weer thuiskomen!

Rekenen
In het thema ‘Waar is...?’ staan vooral de begrippen zoeken en vinden centraal. De kinderen zoeken met behulp van een plattegrond een vlinder, ze helpen Ko met het zoeken van zijn spulletjes uit de verhuisdozen en ze zoeken in een doolhof naar dieren.
Bovendien helpen de kinderen de verhuizers door alvast de zware dozen en lichte dozen bij elkaar te zetten en bezorgen ze voor de postbode brieven op het juiste adres.

Wat loopt en vliegt daar?
 
Taal
Dieren hebben op kleuters een onweerstaanbare aantrekkingskracht. Of het nu een koe in de wei, een vogeltje in de lucht, een poes in een mand of een spin in een web is, het is allemaal even leuk.
In dit thema gaan de kinderen aan het werk met dieren en alles wat daarmee samenhangt. Ze zetten dieren in een hok, verzorgen ze en geven ze te eten.
Ze bekijken het uiterlijk van dieren, maken dierengeluiden en zoeken moeder- en babydieren bij elkaar.
Ze broeden samen met Ko eieren uit en ze maken insecten.
En ze vliegen op muziek en maken rijmpjes.
Kortom, genoeg activiteiten om te spelen, te ontdekken, te leren en met taal bezig te zijn.

Rekenen
Sommige dieren zijn groot, andere dieren zijn klein. De kinderen proberen in welke hokken de dieren passen.
Ze luisteren hoeveel vogels ze in een nest horen piepen, ze spelen met eieren in een doos met eraf- en erbijsituaties en ze proberen eerlijk bij te houden welke ‘vogel’ het verst kan vliegen.
In een spel proberen ze uit wanneer een wip met eieren precies in evenwicht is.

Kunst
 
Taal
Kunst. Het lijkt een zwaar onderwerp voor kleuters. Toch zijn ook kleuters dagelijks bezig met kunst. Ook al is het dan kunst met een kleine k. Ze kleuren, knutselen, schilderen, plakken, vouwen en kleien.
In dit thema beschilderen de kleuters hun vingers en versieren ze hun handen.
Ze maken en mengen kleuren in een kleurenfabriek, maken schilderijen en lijsten deze vervolgens in.
Ook maken ze van zichzelf levende schilderijen en bevroren standbeelden.
En hun kunstwerken? Die gebruiken ze in de afsluitende activiteit. Een heuse tentoonstelling!

Rekenen
Dit thema staat in het teken van kunst. De kinderen maken zelf kunstwerken. Een kunstwerk over getallen, kunstkettingen en bouwwerken van blokken.
Ze beelden naar aanleiding van een lied op verschillende manieren aantallen en getallen uit.
Ook oefenen de kinderen met vingerpopjes het doortellen vanaf vijf en het verkort tellen door gebruik te maken van de wetenschap dat op elke hand vijf vingers zitten.

Op reis
 
Taal
Reizen en vakanties: dat vindt iedereen toch leuk? Want reizen en vakantie staan voor ontdekken, plezier en ontspanning.
In dit thema vertellen de kleuters uitgebreid over hun vakantie- en reiservaringen.
Ze pakken koffers in en uit, maken paspoorten en kijken door gekleurde zonnebrillen.
Ze bouwen vliegtuigjes, gooien ermee en oefenen telefoongesprekken.
Verder vergelijken ze vlieg-, trein-, bus- en autoreizen met elkaar en reizen ze op en neer tussen de tropen en de noordpool.
En natuurlijk halen ze vakantieherinneringen op bij vakantiefoto’s.

Rekenen
Ko is op reis. De kinderen bekijken zijn vakantiefoto’s en sturen hem een tekening. Maar zijn er wel genoeg enveloppen en postzegels?
U wilt ook op reis, maar bent uw koffer kwijt. Er zit een tikkende wekker in. Kunnen de kinderen horen waar de koffer is?
Ook vouwen de kinderen van papier een koffer en reizen ze met een vliegtuig. Hoeveel kinderen passen er in het vliegtuig? Wat gebeurt er als er twee kinderen uitstappen?

Geen twee dezelfde
 
Taal
Iedereen is anders, niemand is hetzelfde. Ook kinderen hebben dat al vroeg in de gaten. Ze dragen andere kleren, hebben andere kapsels, een andere huidskleur en andere gevoelens.
In dit thema werken de kinderen bewust met hun eigen overeenkomsten en verschillen. Ze bespreken elkaars uiterlijk, kopen en passen kleren en lopen een heuse modeshow.
Ze leren over verschillende gevoelens en gezichtsuitdrukkingen.
Verder spelen ze met spiegelende materialen, doen ze elkaar na en maken ze voetstappen in het zand.
En in het prentenboek krijgen ze te maken met een krokodil die gepest wordt om zijn uiterlijk. Maar dat is gelukkig snel opgelost!

Rekenen
In de kralenwinkel kunnen de kinderen kralen kopen. Ze maken kettingen na en herhalen zo patronen. Ook herhalen ze patronen, wanneer ze samen een mozaïek maken dat aan elkaar gespiegeld is.
Niet alle schoenen zijn hetzelfde, ze verschillen in kleur maar ook in maat. Wat betekent het eigenlijk als er ‘28’ onder je schoen staat?
Ko wil voetballer worden, daarom heeft hij een nummer op zijn rug. De kinderen maken hem op allerlei manieren duidelijk welk getal hij op zijn rug heeft.
Ten slotte zitten de kinderen in de kring. Wie zitten er allemaal tegenover Ko en hoe kan het dat jij naast Ko zit en ook naast mij? Hoe zit dat nou met links en rechts?

Papier hier!
 
Taal
Wie leest, belandt in een andere wereld. Wie leest, vergeet de tijd. In dit thema zijn kleuters actief bezig met boeken en klokken, met papier en tijd.
Ze spelen bibliotheek en lezen de krant. Ze tekenen met carbon, plakken voelboekjes en maken persoonlijke dagboekjes.
Ook kijken ze naar de klok en doen ze spelletjes om te ervaren hoe lang een minuut duurt. Bovendien worden ze zich bewust van het ritme van dag en nacht. Want alle dagelijkse dingen hebben een vaste volgorde. Van opstaan tot slapengaan.

Rekenen
In dit thema zijn de kleuters actief bezig met boeken, papier en tijd.
Ze maken zelf rekenverhalen, maken hun eigen telboekjes en proberen een krant zo op te vouwen dat hij in de brievenbus past.
Op een kalender houden de kinderen bij over hoeveel dagen ze naar de bibliotheek gaan. Hoeveel boeken heeft Ko in de bibliotheek gehaald? Kunnen de kinderen daar, door goed naar de aanwijzingen van Ko te luisteren, achterkomen?

Piraten
 
Taal
Schip Ahoy! Daar komen de piraten. Met ooglapjes, oorbellen en gestreepte T-shirts bevaren ze de zeeën, op zoek naar de schat. Piraten staan voor avontuur. Piraten zijn spannend. En dus zijn piraten voor kleuters een boeiend onderwerp om mee te spelen, te ontdekken, te leren en met taal bezig te zijn.
In dit thema maken de kinderen verrekijkers en flessenpost. Ze ervaren hoe het is om met goed en slecht weer over zee te varen en leren welke voorwerpen zinken of blijven drijven.
Ook zijn ze druk in de weer met schatkaarten, zilvergeld en piratenvlaggen.
En de schat van Pierewaai? Die ligt dichterbij dan ze dachten!

Rekenen
Piraten zijn spannend, piraten staan voor avontuur. Piraten zijn altijd op zoek naar schatten. Dit doen ze bijvoorbeeld door een uitkijktoren te bouwen.
In dit thema zoeken de kinderen schatten met de aanwijzingen uit een brief van de flessenpost en door een spoor van pijlen te volgen.
Ook zijn ze bezig met de inhoud van de schatkist. Hoeveel munten zitten er nog in de schat en hoeveel heeft de piraat er stiekem uitgehaald?
Daarnaast helpen de kinderen de piraten om schatkisten vol getallen te maken.

Hoera!
 
Taal
Hiep hoep hoera! Ko is jarig. En alle kinderen mogen op zijn feestje komen. Dat is natuurlijk dolle pret. Want wat zou Ko op zijn feestje gaan doen, wat gaat hij trakteren en welke cadeautjes wil hij graag hebben?
Speciaal voor Ko’s verjaardagsfeest maken de kinderen een fruitsalade, een taart met kaarsjes en slingers.
Ze leren wat je zegt als je ergens binnenkomt en weggaat en als je iets krijgt of geeft.
Ze ontdekken de verschillen tussen de verschillende fruitsoorten, doen spelletjes met ballonnen en leren delen.
Maar natuurlijk is een verjaardag geen verjaardag zonder cadeautjes. En dus pakken de kinderen cadeautjes in en ervaren ze dat je helaas niet altijd krijgt wat je graag wil hebben...

Rekenen
Hiep hiep hoera! Ko is jarig. De kinderen helpen Ko bij de voorbereiding van zijn verjaardagsfeest. Heeft Ko genoeg stoelen voor zijn verjaardagsvisite? Hoeveel kaarsjes moeten er op de verjaardagstaart van Ko en past de verjaardagshoed van Ko wel goed?
Ook wil Ko limonade trakteren. Hij wil precies genoeg limonade maken. De kinderen verzinnen een handige manier om hem daarbij te helpen. Ten slotte tellen Ko en de kinderen vol spanning de dagen af tot de dag van het feest.

Au!
 
Taal
Ziek zijn is voor kinderen een ingrijpende gebeurtenis. Ze hebben pijn of vlekjes en misschien zelfs een verband.
Maar ziek zijn kan ook leuk zijn. Want als je ziek bent, word je verwend, krijg je cadeautjes en sturen vriendjes je beterschapskaarten.
In dit thema staan pijn, ziek zijn en ongelukjes centraal. De kinderen maken kennis met de dokter, de schoolarts, de apotheek en het ziekenhuis.
Ze leren wat gezond en ongezond eten is, leren meten en wegen en leren telefoneren.
En verder zijn ze in de weer met ‘bloederige’ wonden, pleisters, zalfjes, pilletjes en drankjes.
Stof genoeg dus voor kleuters om te spelen, te ontdekken, te leren en met Taal bezig te zijn.

Rekenen
In dit thema is Ko ziek. De kinderen meten de lichaamsdelen op bij een getekende Ko en bij de echte Ko. Zijn de benen van de getekende Ko net zo lang als de benen van de echte Ko?
Om te voorkomen dat de kinderen ook ziek worden, doen ze ochtendgym. Hoe kunnen ze onthouden welke bewegingen ze moeten doen en hoe vaak ze een beweging moeten doen?
Natuurlijk bezoeken de kinderen de zieke Ko. Kunnen zij Ko in een minuut wassen? Of in een minuut een boek voorlezen?
De kinderen zoeken voor een gewonde pop het telefoonnummer van de dokter op in een telefoonboek en ze bellen vervolgens de dokter.
Tot slot gaan de kinderen zelf naar de dokter. Maar eerst moeten ze plaatsnemen in de wachtkamer. Wie is er als eerste aan de beurt?

Sprookjesland
 
Taal
Wie is er niet opgevoed met sprookjes? Die spannende, mooie grappige of verdrietige verhalen waarin fantasiefiguren allerlei avonturen beleven?
Kinderen zijn dol op sprookjes. Deze doen hen belanden in een heel andere wereld: in Sprookjesland.
In dit thema staat Sprookjesland centraal. De kinderen maken kennis met tovenaars, reuzen, kabouters, koningen, koninginnen, prinsen, prinsessen en elfjes.
Ze leren toverspreuken, maken toverspiegels, boetseren giftige planten en schrijven liefdesbrieven. En ze helpen Sneeuwwitje met het huishouden en liggen net als een echte prins(es) boven op een erwt.
Stuk voor stuk activiteiten waarbij kleuters naar hartelust kunnen spelen, ontdekken, leren en met taal bezig kunnen zijn.

Rekenen
De kinderen wanen zich in sprookjesland. Door met een dobbelsteen te gooien en vervolgens hun pion te verplaatsen proberen ze zo snel mogelijk in een kasteel te komen.
Ze toveren met blokjes en met spiegels.
Ook fantaseren ze over de grootte van een reus en kiezen ze een beker uit voor een reus. Hoe weten de kinderen welke beker het grootst is?

Iedereen is mooi!
 
Taal
Er is een feest in aantocht, een feest waarop alle kinderen op hun mooist moeten zijn. Met dit thema Iedereen is mooi! werkt u toe naar dat grote feest.
Wat moet je allemaal doen als je een feestje in het vooruitzicht hebt? Je stuurt een uitnodiging, gaat je wassen, brengt een bezoek aan de kapper, trekt je mooiste kleren aan en dan kan het feest beginnen. U kunt zelf de aanleiding voor het feest verzinnen.

Rekenen
Tien, negen, acht, zeven, zes, vijf, vier, drie, twee, een... Plons! Ko springt in het zwembad. Met behulp van een zwemlied tellen de kinderen ook af tot ze in het water springen. Maar hoeveel kinderen zijn er nu in het zwembad? Steeds komen er kinderen bij en gaan er weer weg.
Na het zwemmen gaan de kinderen naar de kapper. Ze kijken in de spiegel en gebruiken de spiegel om ook andere plaatjes te spiegelen. Kun je eigenlijk ook ’s nachts naar de kapper?
Ten slotte vouwen de kinderen mooie hoeden om tijdens het feest op te zetten.

Groot en klein
 
Taal
De begrippen groot en klein behoren tot de basiswoordenschat van kinderen. Bovendien spreken deze begrippen tot de verbeelding van jonge kinderen. Al op jonge leeftijd vinden ze het boeiend te meten en te vergelijken. Olifanten, tijgers en giraffen in de dierentuin zijn zo groot dat ze in de dierentuin in een kooi moeten. Maar naar een mug, vlieg of wesp moet je echt gaan zoeken met een vergrootglas.
Omdat in de lente alles gaat bloeien en groeien, biedt dit thema volop mogelijkheden bij andere lenteactiviteiten aan te sluiten.

Rekenen
In dit thema spelen grote en kleine dieren een rol. Ook gaan de kinderen aan de slag met meten en vergelijken. Hoe groot is een stap van een olifant en een stap van een muis? En hoe kunnen de kinderen zien wie van de kinderen het grootst is?
De kinderen maken in dit thema ook kennis met schaduwen. (Het uitgangspunt daarbij is de zon. Is dit niet mogelijk, dan kunt u een lamp als ‘surrogaat zon' gebruiken.) Met schaduwen maken de kinderen bijvoorbeeld dieren groter.
Ze houden in de gaten of er geen muizen ontsnappen als Ko de hokken schoonmaakt en tot slot maken ze dierengeluiden waarbij ze bijhouden hoe vaak ze bijvoorbeeld een vis nadoen.

Het circus
 
Taal
Het circus is in de stad. Een circus met clowns, leeuwen, aapjes, acrobaten, een goochelaar, muzikanten en natuurlijk een directeur.
Een voorstelling is een hele ervaring voor jonge kinderen. En dus is Het circus een aansprekend thema voor kleuters, waarin ze hun taalvaardigheid kunnen ontwikkelen.
Samen met uw kleuters werkt u toe naar een heuse circusvoorstelling. Maar voordat het zover is, moet er heel wat geoefend worden. De kinderen leren goochelen, oefenen kunstjes en maken muziek.
Ze leren hoe magneten werken, maken uitnodigingen en beschilderen maskers.

Rekenen
In dit thema komt het circus in de stad. De kinderen maken in het spel eerst zelf een weg naar het circus.
Daarna hebben de kinderen zelf natuurlijk ook een rol in het circus. De kinderen zijn acrobaten die kunsten vertonen op een wip en bezig zijn met gewichtheffen. Ze goochelen allerlei voorwerpen, van verschillende maten, in en uit de goochelhoed van Ko. Sommige voorwerpen passen niet en moeten iets kleiner worden gemaakt. Ook ontdekken de kinderen zelf hoe de goocheltruc van Ko met blokjes werkt.
Ten slotte willen de kinderen allemaal een kaartje kopen voor het circus. Daarom gaan ze in de rij staan bij de kassa. Maar Ko dringt voor... Hoeveelste zijn ze nu in de rij?


© Uitgeverij Zwijsen BV | Privacy Statement